Laos Time

Zo’n tropisch vakantietempo volhouden valt niet mee. Serieus. Dat schrijf ik niet eens alleen om jullie een beetje jaloers te maken. Ik kan gelukkig heel goed rustig op een terras zitten en lekker mensen kijken. Maar toch. Het westerse rennen-vliegen-duiken-vallen-opstaan-en-weer-doorgaan-stemmetje is nog best aanwezig in mijn doen en denken. Tijdsdruk heeft best iets verslavends, besef ik hier. Je leeftempo aanpassen is echt moeilijk, zelfs aan de andere kant van de wereld in een land vol mensen die het goede voorbeeld geven.

Neem nou naptime. In het dagritme van mijn massageschool zat een middagdutje. Om even rustig bij te komen van een uitgebreide lunch en om het heetst van de dag niet al te bewust mee te maken. Daarna even koud water over je heen gooien en weer aan de slag. Heerlijk vond ik dat. En toch was ik die naptime na een paar dagen al weer vergeten. Dus rende ik vrolijk de hele dag door. Ook op het heetst van de dag, in Chiang Mai is dat nu tussen de 40 en 45 graden. In de schaduw, want in de zon hou je het niet lang genoeg uit om de temperatuur te meten. Leuk moment om foto’s te maken van slapende tuktukchauffeurs en locals in hun hangmat.

Drie dagen geleden zat ik een koffiebar in Chiang Rai. Ik raakte aan de praat met een Canadees die al jaren lesgeeft in Azië en zich helemaal aan het leeftempo hier aangepast heeft. Of het past gewoon bij hem, dat zou het ook wel eens kunnen zijn. Ik vertelde wat ik allemaal in één dag wilde gaan doen in Chiang Rai. Hij moest lachen. “It’s not work, you know. You’re traveling. Just stay a few more days.” Hmm, goed punt natuurlijk. Dus m’n to do lijst weer wat aangepast en besloten en paar dagen langer te blijven.

’s Middags was er gelukkig weer iemand die me even uitlachte. In de local bus naar Wat Rong Khun, de verblindend mooie Witte Tempel, raakte ik aan de praat met de enige andere toerist in de lokale bus, een Koreaanse studente. Op de terugweg, in een propvolle songthaew, zaten we met een paar Duitsers. Zij wilden net als ik ’s middags nog naar de Black Temple. Ze keek ons aan alsof we gek zijn. “Tomorrow, maybe?” vroeg ze nog. Oh ja. Goed idee.

De Black Temple vond ik zo fascinerend dat ik langer wilde blijven dan ik vooraf dacht. Die tijd had ik gelukkig, omdat ik de hele dag nog voor me had, dankzij de Canadees en de Koreaanse. Dat leverde me meteen een rustige middagpauze op. Weliswaar geen dutje, maar wel in een lekkere loungestoel een beetje naar het landschap staren. De suppoosten hechten namelijk wel aan hun uitgebreide lunch en naptime en jagen alle bezoekers het park uit. Ze sluiten het park gewoon tussen de middag. Als ze wakker worden van het rumoer van de toeristen die voor de poort staan, dan staan ze weer op uit hun hangmat of matje onder een boom.

Laos lijkt tot nu toe een nog betere plek om rustiger aan te doen en zonder tijdsbesef of strakke planning te leven. De douane gaf al het goede voorbeeld. Halverwege een vraag van degene voor mij in de rij, kwam er bij het visaloket iemand met stapels witte bakjes aan. “Just a minute” zei de douanier en hij sloot het raam. Ongeveer veertig westerse minuten en een goede lunch later ging het loket weer open.

Aangekomen in het eerste Laotiaanse dorpje Huay Xai, bestelde ik ook lunch, samen met de drie Duitsers en een Australier die ik had leren kennen in die rij bij het visaloket. Op het menu stond alleen dinner, dus voor de zekerheid vroegen we nog of we wel konden lunchen. Yes, no problem – zou er wel een woord voor nee bestaan hier? We openden vast een biertje. En uiteindelijk nog twee. De kok van het guesthouse moest eerst gebeld worden namelijk, toen we besteld hadden. Toen ze arriveerde, werd ons tevreden gemeld dat ze very soon ging beginnen met het schoonmaken van de keuken. Langzaam werd het een komen en gaan van brommertjes met allerlei groenten, kip, verse noodles en sticky rice. Ruim twee uur later hadden we heerlijk eten op tafel staan en bestelden de mensen aan de tafel naast ons hun diner.

Ontbijt heb ik voor de zekerheid ergens anders gehaald, bang om de volgende ochtend de boot te missen. Letterlijk dan, de slowboat zou rond elf uur vertrekken. Geen schipper te bekennen op dat tijdstip natuurlijk. Ik heb alles met een klok maar gewoon uitgezet. Laos time it is. Niet meer stilstaan bij wat ik wel eens zou kunnen gaan missen, maar genieten van wat ik wel tegenkom. Eens kijken of het ritme van het leven om me heen niet veel meer moois brengt dan een klok en een planning. Genieten van het nu, in het rustige Luang Prabang.

In elk geval een week dan. Helemaal zonder planning kan ik nog niet.

 

Copyright tattoo, arm and photo: John Farrington

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s